LFC Historie – Fotoweekend Leuven 2012

Helaas is het door al het gedoe rond Covid-19 al twee seizoenen niet mogelijk geweest om een LFC fotoweekend te organiseren. Hoewel het geen vervanging is voor een gezellige fotoreis, is het ook leuk om wat herinneringen op te halen van een van onze eerdere reizen.

Neem die van 2012 bijvoorbeeld, met een klein groepje LFC-ers zijn we toen voor een fotoweekend afgereisd richting België. Dit was nog in de tijd dat we op zaterdag vertrokken en zondag weer thuis waren. Voor dit weekend was een hotel in Leuven geregeld, dicht bij het station en op steenworp afstand van het stadshart van Leuven.

Portiershuis Fort Mortsel
Portiersloge Mortsel

Voordat we echter in Leuven zouden aankomen, bracht de reis ons eerst naar het Fort in Mortsel. We konden het Fort bezoeken, maar er bleek weinig te doen. Hier en daar hingen wat posters van het Fortart evenement, maar dat was inmiddels voorbij. Het weer was ons ook niet heel gunstig gezind. Maar als rasechte LFC-ers lieten we ons niet door een beetje motregen uit het veld slaan. Dus ondanks de miezerige neerslag konden we toch genieten van de mooie gebouwen en omgeving van het Fort. Een goede oefening om de “kijk-spier” op te warmen.

Fort Mortsel
In het fort van Mortsel

Het volgende reisdoel was Leuven. Na het inchecken in het hotel togen we meteen met camera’s en al richting de stad.  Een korte wandeling onder het naast het hotel gelegen station door bracht ons midden in Leuven. Ook nu speelde het weer ons parten. De motregen was inmiddels omgeslagen in een regenbui. Afijn, we zouden ons niet laten weerhouden van het maken van mooie foto’s. Na wat tijd te hebben doorgebracht in de Kathedraal van Leuven, was het weer zo mogelijk nog beroerder geworden. Het regende inmiddels flink en de combinatie van water met digitale camera’s is niet ideaal. We besloten te schuilen in Cafe Leffe, voor sommige een zegen in plaats van een vloek. Ik durf zelfs te beweren dat het voor enkelen het hoogtepunt van het hele weekend was. Het Leffe blond vloeide rijkelijk en met de buien trok ook de middag aan ons voorbij.

Na het diner bleek het dusdanig te zijn opgeklaard dat we het aandurfde om alsnog het stadshart met de camera te verkennen. Leuven bij nacht. We ontmoette zelfs Sinterklaas, althans zo leek het. Het bleek een behoorlijk dronken, fotoschuwe, verkleedde student te zijn, die duidelijk te ver heen was om zonder te schreeuwen te kunnen converseren.

Met dit kleine avontuur achter de rug konden we genieten van de mooie stad en haar verlichte etalages. Vooral de etalagepoppen bleken fotografisch in trek. Het zou een van de meest memorabele hoofdthema’s s worden van deze trip, maar daarover later meer.

Terug in het hotel besloten we nog even naar de bar te gaan voor een drankje. Dit is ook waar we het “eenbeenstatief incident” hadden. Het vergt wat uitleg: iedereen had zijn spullen opgeborgen op de kamer voordat we naar de bar gingen. Echter een lid bracht alleen zijn eenbeenstatief mee naar de bar. Geen camera, alleen het statief. Tot op de dag van vandaag is onduidelijk wat hem ertoe bewoog dat te doen. Het was een van de vele komische momenten die je bijblijft op dit soort reisjes.

Abdij van Villers
LFC lid in actie

De tweede dag begon met een flinke autorit naar Ville de Villers. De abdij van Villers is een prachtige ruïne; een waar fotografisch paradijs! Gelukkig werkte we toen al digitaal, anders zouden er wel heel wat rolletjes film doorheen gegaan zijn. Gebouwd tussen 1190 en 1267 is het een belangrijke plek. De overgebleven ruïnes laten een rijke bouwkunst zien en gezien de ouderdom is er nog verbazend veel overgebleven van de gebouwen. Hier en daar vast opgeknapt, maar volledig passend in de sfeer.

Abdij van Villers
Abdij van Villers
Abdij van Villers
Abdij van Villers
Abdij van Villers
Abdij van Villers

Waarschijnlijk vanwege het slechte weer, hadden we het terrein nagenoeg voor ons zelf. Als je zo tussen de meer dan 900 jaar oude restanten loopt, voel je de geschiedenis. Met het wat grauwe weer en de serene rust ontstaat een mysterieuze sfeer. De uitdaging was dan ook om deze sfeer fotografisch te vangen.

De abdij bleek ook de perfecte plek voor ons groepsportret te zijn. Een soort van traditie, die we helaas op andere tripjes nog wel eens zijn vergeten. Zo na al die jaren krijgt zo’n portret een nostalgische waarde. Je ziet hoe we allemaal zijn veranderd en sommige zijn weer doorgetrokken naar andere hobbies.

Groepsfoto LFC
LFC Expeditieleden 2012

Na een kopje koffie, werd het helaas weer tijd om koers richting huis te zetten. Voor de lunch stopte we in het dorpje Aarschot. Zo op het eerste gezicht een wat saaie aangelegenheid. Het zou -achteraf gezien- een van de meest memorabele momenten van de hele trip worden. 

Maar eerst tijd voor wat lunch. Nadat we ons in een klein cafeetje hadden gesetteld, bleek het herentoilet de eerste bron van hilariteit te zijn. Het “sex on the beach” thema van het toilet bleek teveel van het goede te zijn. Rene kwam proestend van het toilet toen hij het zag. Nu behoeft deze reactie enige uitleg: eerder dat weekend kwam het gesprek in onze auto op de afmetingen van een badkamer. Rienk merkte op dat de badkamer van een huis waar hij naar had gekeken was, zo klein was dat hij zich s’ morgens niet zou kunnen omdraaien. Deze opmerking was zo uit het niets, dat het een soort van ‘running gag’ zou worden (zelfs nog tot op de dag van vandaag). Sex on the beach paste precies in het straatje.

Molen Aarschot
Watermolen Aarschot

Na de lunch besloten we om toch nog maar een wandeling door het typisch Belgische dorpje te maken. Naast wat oude huizen en een watermolen, leek er niet veel te doen. Een mooi gedicht langs het water leek het enige hoogtepunt te zijn. Maar toen kwamen we bij ‘Harry’s emporium’! Harry’s Emporium bleek, zo zouden we later ontdekken, een begrip te zijn. De bruidsmodezaak bleek van een echte couturier te zijn; Harry Heylen. Deze bijzondere man had de modezaak omgetoverd tot een sprookjesachtige bruidszaak. Vol met etalagepoppen, spiegels en neon was het een onverwachte ontdekking.

Bij nadere inspectie bleken de mannequins ook niet zomaar etalagepoppen te zijn. Iedere pop bleek aangepast te zijn. Mannen met make-up, oorbellen en zelfs een wat gruwelijk verschroeide kinderpop prijkte in de etalage. Het leek alsof je terecht gekomen was in een aflevering van de Twilight Zone. De pop zelf is de inspiratie geweest voor een groot kunstwerk “de Bleiter” en heeft een fascinerende geschiedenis. Hiervan wisten we toen nog niets natuurlijk.

Harrys Emporium
Harrys Emporium
Mannequin Harrys Emporium
Mannequin Harry’s Emporium

Als kers op de taart verscheen Harry zelf ook tussen de poppen, een soort geest uit het niets. Dit leidde tot enige hilariteit toen een van onze leden ineens het hoofd van Harry naast dat van een etalagepop in zijn zoeker zag verschijnen. Achteraf bleek dat Harry boven de zaak woonde en waarschijnlijk was hij komen kijken wat de commotie was die wij veroorzaakten. Aan zijn blik te zien was hij niet heel erg blij met al die aandacht.

Jarenlang hebben we het over gehad om nog een keer terug te gaan. Helaas bleek dat Harry in 2015 is overleden en daarmee zijn emporium ten einde was gekomen (er zijn nu appartementen met zijn naam voor in de plaats gekomen). Het blijkt dat Harry Heylen een flamboyante en best bijzondere levensloop heeft gehad. Deze interessante levensgeschiedenis is opgetekend door het museum Aarschot en is hier te lezen: https://www.museum-aarschot.be/haute-couture-harry-harry-heylen/ Ook kun je hier wat meer vinden over de geschiedenis van de Bleiter. De bijzondere mannequin die altijd in de etalage te vinden was.

Helaas zat daarmee onze tijd er voor dit weekend weer op. Een paar uur in de auto en toen weer terug thuis. Nog altijd hebben we het over deze geweldige fototrip, gelukkig zouden er nog vele volgen…